De pianobewerking van Pletnjev: een hercompositie van Tsjaikovski’s Notenkraker
https://open.qobuz.com/playlist/53642480
Mikhail Pletnev’s pianobewerking van Tsjaikovski’s *Notenkraker* is geen simpele transcriptie, maar een heruitvinding. Waar Tsjaikovski een sprookjeswereld schildert, legt Pletnev een psychologisch landschap bloot: virtuoos, donker, soms ironisch, en altijd vol onderhuidse spanning. Deze gids neemt je mee door de zeven delen van de suite en laat horen hoe Pletnev de piano verandert in een volledig orkest.
March
De opening klinkt strak en helder, bijna mechanisch. Waar het orkest een feestelijke optocht neerzet, kiest Pletnev voor precisie en scherpte. De linkerhand fungeert als een miniatuur‑slagwerk, terwijl de rechterhand een lichtvoetige, bijna marionettenachtige melodie speelt. De spanning zit in de kleine rubato’s die het klokmechaniek net genoeg verstoren om het menselijk te maken.
2. Dance of the Sugar Plum Fairy
De celesta van Tsjaikovski wordt op de piano vervangen door parelende arpeggio’s en fluisterzachte herhalingen. Pletnev maakt de muziek minder naïef en geeft haar een melancholische glans. De melodie lijkt soms op te lossen in het licht en dan weer scherp terug te keren, alsof je naar een figuur kijkt die steeds net buiten bereik blijft.
3. Tarantella
Hier verandert de dans in een koortsige wervelwind. De ritmiek is agressiever dan in de orkestversie, de accenten zijn messcherp en de energie is bijna demonisch. De pianist moet letterlijk tussen registers springen. De charme van dit deel zit in de momenten waarop de muziek even lijkt te ontsporen, om vervolgens met één gebaar weer in het gareel te worden getrokken.
4. Intermezzo
Dit is het lyrische hart van de suite. Pletnev laat de piano zingen als een strijkorkest: brede lijnen, diepe resonantie, warme bassen. De melodie ontvouwt zich langzaam en krijgt een bijna vocale kwaliteit. De basnoten fungeren als fundamenten waarop de hele structuur rust, alsof je een kathedraal hoort verrijzen.
5. Russian Dance (Trepak)
De Trepak wordt een acrobatische stuntshow. Niet de snelheid, maar de hoekige energie maakt dit deel onweerstaanbaar. De humor is droog, de ritmiek scherp. Syncopen trekken de dans telkens uit balans, waardoor het lijkt alsof de vloer onder je voeten verschuift.
6. Chinese Dance
Een miniatuur vol verfijning. Pletnev vermijdt alle exotiserende clichés en kiest voor helderheid en precisie. De articulatie is pointillistisch, de frasering licht en transparant. Het is een kort moment van luchtigheid voordat de grote finale zich aandient.
7. Andante Maestoso
Het slotdeel is een monument. Pletnev bouwt een symfonische boog die op de piano een overweldigende grandeur krijgt. De akkoorden zijn breed, de spanningsopbouw is zorgvuldig, en de melodie krijgt een tragische diepte die in de orkestversie minder uitgesproken is. Dit is het moment waarop de piano even een volledig orkest lijkt te worden.
Pletnev transformeert Tsjaikovski’s sprookje tot een dramatische reis: van een speelgoedwereld vol precisie, via een droomwereld vol schaduwen, naar een finale die bijna spiritueel aanvoelt. De delen zijn kort, maar samen vormen ze een overtuigende dramaturgische boog. Het is muziek die zowel de virtuositeit van de pianist als de verbeeldingskracht van de luisteraar aanspreekt.
No comments:
Post a Comment